Op 12 april vertrek ik voor vier maanden naar Zuid-West-China, Vietnam, Cambodja en Laos. Hier kan je mijn Zuid-Oost-Aziatische avonturen volgen!

dinsdag 28 juni 2011

Phnom Penh en Battambang

Lang geleden dat ik nog iets gepost heb. Dat komt omdat ik de afgelopen tien dagen gezelschap heb gehad van Marie, een Francaise die ik in Vietnam leerde kennen. Ik denk dat ik daarom iets minder nood had om mijn belevenissen te delen. Ondertussen ben ik weer alleen, maar niet voor lang: over minder dan twee weken ontmoet ik Anne in Laos!!

Het weerzien met Marie vond plaats in Phnom Penh, waar we twee heel gevulde dagen beleefden. De eerste daarvan was op vrijdag 17 juni. Toen bezochten we eerst het Nationaal Museum, waar we kennismaakten met de beeldhouwkunst uit het rijke verleden. Dat was alvast een eerste voorproefje voor wat ons te wachten stond in Angkor Wat. Marie vond het geweldig, ik iets minder. Ik ben zo'n oude beelden doorgaans vrij snel beu.
Vervolgens wandelden we de rest van de dag langs de meeste plaatsen die we gezien moesten hebben en eindigden we de dag met een bezoek aan het Tuol Sleng Museum (S21), om kennis te maken met het gruwelijke verleden van Cambodja. Dit museum is een voormalige school die door de Khmer Rouge gebruikt werd als gevangenis en folterplaats. Bij aankomst werden de gevangenen gefotografeerd en al die foto's plus beelden van de folteringen, worden er nu tentoongesteld. Heel aangrijpend.

Onze tweede dag in de hoofdstad begonnen we met een bezoek aan het koninklijk paleis, dat veel weg heeft van Grand Palace in Bangkok: verschillende tempels, goud en een afgesloten deel waar de koninklijke familie verblijft.





Daarna vervolledigden we ons bezoek aan de gruwelijke geschiedenis van dit land door naar de Killing Fields te gaan. Hier werden de gevangenen uit S21 uiteiendelijk naartoe gebracht om te sterven en in een massagraf te belanden. Kogels waren te kostbaar, dus werden de slachtoffers folterend om het leven gebracht. Allemaal nogal heftig, maar het is toch iets waar je stil bij moet staan als je dit land bezoekt. Het is nog geen veertig jaar geleden, dus veel Cambodjanen hebben die periode bewust meegemaakt. Toch straf hoe ze desondanks zo vrolijk door het leven lijken te gaan. Een heel sympathieke bevolking!!

De voornaamste andere bezigheid van die dag was de aanschaf van een nieuw fototoestel. Niks speciaal: compact, goede zoom, voldoende pixels en naar mijn gevoel mooiere kleuren.

Onze volgende stop was Battambang, waar ik vorige week maandag mijn achtentwintigste verjaardag vierde. Omdat het ook de verjaardag van de koningin was, moest Coco niet naar de les en kon hij ons een dag rondrijden in zijn tuk-tuk. Super! Coco is een vriendelijke, niet opdringerige chauffeur die niet te hard z'n best doet om de toeristen te vermaken met flauwe mopjes. Zo hebben we ze graag!!
Op het programma stond:

Een ritje op de bamboetrein (een nogal toeristische aangelegenheid, die toch ook nog door de lokale bevolking gebruikt wordt).

onze trein


onze machinist


het landschap vanaf de trein

Een dorpje waar we foto's konden nemen van de plaatselijke, timide kinderen. 






 En waar we een visser aan het werk zagen.



Een bezoek aan Phnom Banan, gevolgd door heel lekkere gebakken rijst, vanuit een hangmat naast een vijver vol lotussen.






Een bezoek aan Phnom Sampeau, een tempelcomplex op een berg, waar ook wat grotten te vinden zijn, als je goed zoekt (natuurlijk ook weer door de Rode Khmer gebruikt om dode lichamen in te droppen).

uitzicht op het platte Cambodja
halverwege de klim naar de tempel




's Avonds waren we moe maar voldaan. Geen energie en geen nood meer aan een bezoek aan de Sky Disco ;-)  (dat zal voor een volgende verjaardag zijn)

Dinsdag hielden we het rustig: uitslapen, Battambang zelf verkennen, boek lezen op een terrasje, tijd nemen om wat mails te beantwoorden.


Woensdag reed Marie voor het eerst met een brommer in Cambodja en ik zat achterop (niet helemaal zeker of ik het wel vertrouwde). Zo gingen we op weg naar Wat Ek Phnom. Onderweg passeerden we een voormalige Pepsifabriek. Die is daar ooit gebouwd omdat Coca Cola het monopolie had in Thailand. Pepsi probeerde daar van hieruit hun waar aan de nam te brengen.





Ik kreeg ook de kans om toch een krokodillenboerderij te bezoeken. Een ietwat vreemde ervaring. Ik ben er zelfs echt aangevallen door een krokodil (ik dacht nochtans dat we vrienden waren   "Sofie de krokodil..."). Gelukkig liepen we op een twee meter hoog muurtje en zijn het niet echt sprinkhanen.






Bij een van de tempels onderweg bleef onze vinger aan de ontspanner gekleefd voor een reekst foto's van jonge, welwillend poserende monniken.

























ook een mini-blik kunnen werpen op het leven aan de rivier

uitrusten na een voetbalwedstrijdje
in een school aan een andere tempel op onze weg


kokosnoten "plukken"






de keuken waarin onze lunch bereid werd


Net na ons bezoek aan Wat Ek Phnom begon het te regenen. Geluk gehad!

Terug in Battambang was het weer relaxen geslagen. Ik kreeg er een Japanse massage door een blinde Cambodjaanse vrouw. Niet altijd even ontspannend, soms deed het echt pijn. Maar na een uur verliet ik de tafel met een goed gevoel!

Donderdag brachten we het grootste deel van de dag (zeven uur) door op een boot naar Siem Reap. Prachtige tocht langs drijvende dorpjes, uitgestrekte landschappen, zwemmende kinderen, ... Op de boot leerden we de Utrechtse Esther kennen met wie we een tuk-tuk (niet sterk genoeg voor drie westerse dames en hun rugzakken, gevolg: ketting gebroken) en later ook een kamer deelden.

Terwijl wij naar Siem Reap kwamen voor de tempels (DE reden waarvoor de meeste toeristen naar Cambodja komen), kwam Esther vooral om Engelse les te geven aan kinderen. Ze kon me bijna overtuigen om een week te blijven en haar in het schooltje te vervoegen. Maar er zijn nog een paar andere plaatsjes in Cambodja die ik gezien wil hebben (en binnenkort word ik in Laos verwacht). En ik vind een week te kort om in een organisatie mee te draaien.

Foto's van de boottocht en van de tempels in Siem Reap zal ik een dezer dagen posten. Gisteren ben ik aangekomen in Kompong Cham, morgen vertrek ik naar Kratie (wellicht mijn laatste stop voor ik naar Laos ga). Ook hierover later meer!




ben al vergeten of ze dood of levend waren,
maar dit is een heel gewoon beeld hier in Cambodja


Update 13 augustus: foto's van de boottrip van Battambang naar Siem Reap:


















dinsdag 21 juni 2011

Kep, Kampot en liefdadigheid in Sihanoukville

Op mijn tweede dag in Kep stond ik op tijd op om een wandeling van acht kilometer in het nationaal park te maken voor ik moest uitchecken. De uitchecktijd viel wat tegen: 10u30. Ik kon er elf uur van maken en was in werkelijkheid tegen 11u30 uit mijn kamer.
Ik had dus geen tijd om stil te staan tijdens de tocht, maar dat durfde ik ook niet te lang, door alle dieren die ik om me heen hoorde. Vooral onschuldige vogels en eekhoorns, denk ik. Maar er zaten ook onder andere apen.
 
 
                                                
 




Ik was me net aan het afvragen wat ik zou moeten doen als ik een tijger zag (die zitten hier niet, hoor), toen er een slang op de weg zat. Een foto nemen en rustig wachten tot ze overgestoken was. Niks aan de hand! Ik zou me toch meer op mijn gemak gevoeld hebben als ik die wandeling niet alleen aan het doen was...







Drie kwartier van Kep ligt Kampot, nog zo'n stadje waar niet veel te zien is, maar wel aangenaam.







Hier sliep ik in de goedkoopste kamer van heel mijn trip en ik kreeg er een kakkerlak bovenop!! Wel straf: dat was de eerste keer in de twee maanden die ik al onderweg ben. Alleen op de boot in Halongbay zag ik nog een indoorkakkerlak (maar niet in mijn kamer). Ik had er meer verwacht!

In Kampot deed ik een (veel te dure) trip naar Bokor Hill Station, een koele plaats die de Fransen ontdekten toen die hier zaten en waar ze een hotel / casino en een kerkje bouwden. Nadien werd het als gevangenis gebruikt door de Khmer Rouge. Nu is het een griezelige, vervallen plek.







Iets na de middag werden we aan onze guesthouse afgezet en om vier uur moesten we weer aan de rivier staan voor een boottochtje naar de zee met mooie zonsondergang. Mijn fototoestel bleef - ongewild - achter bij vriend kakkerlak en zo heb ik dus geen foto's van de boottrip.


Woensdagochtend zat ik twee uurtjes op de bus naar Sihanoukville, een strandbestemming waar het sekstoerisme serieus aan het groeien is. Ik kwam niet voor de stranden en evenmin voor de sekstoeristen, maar voor een bezoek aan het Fountain of Life Center van de Zusters van de Goede Herder. Die van in Pattaya!
Op weg daarheen haalde ik herinnering op aan mijn tijd in Thailand vier jaar geleden en besefte hoe belangrijk die ervaring voor mij geweest is.
Ik werd hartelijk ontvangen en mijn rugzak werd zelfs naar een gastenkamer gebracht. Daar had ik totaal niet op gerekend!
's Middags at ik in de Starfish Bakery & Cafe (en ik bedacht wat ik in augustus wil doen, Isabel), een plaats voor en door mindervaliden met een gezellige tuin en een mooi winkeltje.
Na de middag woonde ik twee halve lessen bij. De eerste was in een bar aan het strand waar een vijftal kinderen rond de tafel zaten en Engelse les kregen. De tweede was in een andere bar, maar deze keer waren de studenten vrouwen die daar werken.
Om half zes kwamen er een honderdtal kinderen naar de school zelf om gratis Engelse les te krijgen. Door het gebrek aan verschillende leslokalen en didactisch materiaal was dat (in mijn ogen) heel chaotisch, maar de kinderen waren dankbaar en respectvol en het werkt blijkbaar wel, want met de hogere niveaus kon ik wel een gesprekje voeren.
Ook donderdagvoormiddag mocht ik zien hoe ze les geven, in een cafeetje in een dorp voor kinderen en in een kapsalon voor vrouwen.
Ze geven tenslotte ook les aan vrouwen in de gevangenis, die ze onder andere popjes leren haken. De opbrengst daaran krijgen de vrouwen bij hun vrijlating.
Door over al deze superinitiatieven te praten en ze met eigen ogen te zien, krijg ik weer een enorme goesting om mee te helpen aan de empowerment (mijn Nederlands begint me af en toe in de steek te laten) van kansarmen. Was ik maar niet zo gehecht aan mijn leventje in Belgie, dan kon ik een zuster (??) van de Goede Herder worden en meedraaien in projecten over de hele wereld.
Maar hey, vanaf 22 augustus werk ik weer bij Basiseducatie: gratis cursussen voor volwassenen die vroeger kansen gemist hebben. Ik ben heel blij hier te beseffen dat ik mijn werk echt super graag doe!

Om in het thema te blijven ben ik 's avonds in de Don Bosco Hotel School gaan eten. Daar leren kansarmen de kneepjes van het hotel- en restaurantvak.

Er zijn veel initiatieven vol goede bedoelingen in de wereld! Maar verre van genoeg om iedereen die het nodig heeft te bedienen. De Good Shepherd Sisters kunnen oneindig veel verhalen vertellen waar je moedeloos van wordt. Maar dan probeer ik aan hun slogan te denken: ''One person is of more value than the world!'' 

handwerk - niet alleen bij ons weer helemaal in!